Freek de Jonge



Dood kind


Als een blad van een boom valt
Kijkt niemand op of om
Een boom een blad ach wat
Een speelbal van de wind
Maar nu valt geen blad
Geen boom zelfs
Nee nu valt een kind

Als een bom op een dorp valt
Veert iedereen boos op
Om uitgebreid te melden
Wat hij er van vindt
Nu valt een stilte
Geen bom valt
Nee nu valt een kind

Ach God hou me staande
Ach God anders val ik om
Zeg me God waar ik je vind
Ach God hij was drie maanden
Ach God hij huilde soms
Ach God ben jij dat kind

Sprakeloze mensen kijken
Zwijgend naar een kistje
Van spaanplaat met fineer
Dat schommelend wegzakt
In de betraande aarde
Een kind niet meer

Geen schuld treft hen
Maar ze zijn gedoemd
De moeder wankelt
De vader houdt zich groot
Hij denkt had ik
Mijn kind maar God genoemd
Dan had ik kunnen zeggen
God is dood


Freek de Jonge
Uit: Kinderen - meer dan honderd gedichten over hun wondere wereld Verzameld en toegelicht door Willem Wilmink
Uitgeverij Ooievaar Amsterdam
Derde druk (1996)

---------------------------------------------------------------------
Redenen om dit gedicht uit te kiezen: In de Paastijd moet ik altijd veel aan overlijden en de dood denken, en doordat onlangs op de lijst de autobiografie van Hella langs kwam moest ik telkens aan dit prachtige gedicht van Freek denken.

Waarom vind ik het trouwens zo mooi? Het is zulk rauw, zulk ongepolijst verdriet, maar niet over de top. Dat komt doordat leestekens ontbreken, waardoor het de indruk geeft dat het op papier gekwakt is. Ook de herhaling van de boodschap (Nee nu valt een kind) en de switch naar het
ineens persoonlijke (Ach God hou me staande) waardoor er een appel gedaan wordt op de steun door ook de lezer zijn voor mij krachtige stijlfiguren in dit gedicht. Maar vooral door de laatste strofe:

Hij denkt had ik
Mijn kind maar God genoemd
Dan had ik kunnen zeggen
God is dood

geeft voor mij de wanhoop van het verliezen van een geliefde (je kind nota bene) ontzettend goed weer. De verwijzingen naar wat mensen peanuts of juist vreselijk vinden (het blad van de boom, de bom op het dorp): ze vallen in het niet bij het verlies van de pasgeborene dat hier beschreven wordt.

Else

 

 lees vrijwel nooit de woensdaggedichten, waarom deze dan wel opeens ? oog viel erop, komt hard aan, pats, boem, buikpijn, niet echt prettig zo'n gedicht voor het slapen gaan, maar wel mooi, dus dank
Ja, een erg mooi gedicht, dat vind ik ook.

Ik vind ook heel subtiel dat het naar mijn idee niet alleen om het verlies van een pasgeborene gaat, maar ook om het verlies van God, of verlies van geloof of vertrouwen in God of zoiets. Een thematiek die volgens mij ook goed bij Freek de Jonge past, die vaak worstelt met de God van zijn jeugd en toch (lijkt het mij) nooit helemaal 'afscheid van domineesland' heeft genomen.
De laatste regel doet natuurlijk de naam Nietzsche opkomen: God is dood. Maar al eerder trekt De Jonge een parallel tussen het dode kind en God: Ach God ben jij dat kind. Volgens sommigen zijn we ook inderdaad 'gedoemd' sinds de 'culturele' dood van God. Ik kan me zelf goed voorstellen dat als je gelovig bent (wat ik trouwens niet ben) de dood van een kind dat geloof zwaar op de proef stelt, terwijl het tegelijkertijd de plaats is waar je instinctief troost zoekt (Ach God hou me staande). Bijzonder dat De Jonge in zoīn gedicht over rauw verdriet om de dood van een kind ook deze verlies van geloof-dimensie erin brengt, vind ik. Of lees ik dat er nou alleen maar in?


Natuurlijk lees je dat erin! Stom dat ik dat nog niet eens had opgemerkt!  Niet voor niets niet gelovig misschien :-) Dank je wel voor het aanbrengen
van deze extra dime.
Else


Dank je wel voor deze overpeinzing op de woensdagmorgen. Ik vind het wel nogal zwaar. Misschien ook omdat ik hetzelfde bundeltje ook heb, en er even in ging bladeren op zoek naar andere versjes met hetzelfde gegeven. Ik denk ook dat Freek de Jonge hier het verlies van een kind direct koppelt aan verlies van geloof. En ik denk niet eens zozeer dat hij het afzet tegen peanuts (blad) of vreselijk (bom), maar tegen de dood die we alle dagen om ons heen hebben in de herfst en op tv, en dat de directe betrokkenheid het verschil maakt , en natuurlijk de machteloosheid en het zo tegen ieders verwachting in juist een kind... En dan bekruipt me toch ook wel het gevoel - niet alleen zozeer bij dit van FdJ maar meer bij het genre als geheel - dat ieder* gedicht / vers hierover je met een soort verstild gevoel van smartelijkheid achterlaat.
Mij een beetje te....

Laat ik positief eindigen en in het gedicht lezen dat levende kinderen een bron van hoop, vertrouwen, kracht en voor wie dat wil geloof

* tip van Willem Wilmink voor het schrijven van een Nederlandse hit: schrijf over iets waar iedereen iets bij voelt, een eenvoudig gegeven. En maak dat het rijmt. En dan komt hij met: 'Arme clown, wat ben je down, /Kerstmis in Amsterdam'.


Ik vind dit een indringend gedicht. Door de extralaag werd voor mij de betekenis goed helder. Het is wat Else al zei, maar deze toevoeging van over de geloofsstrijd zocht ik er ook in. Dank voor gedicht en , inleg' . (de strofe van dat schommelende kistje in de betraande aarde maakt het beeld niet sterker vind ik, integendeel, zonder die strofe had ik het indringender gevonden. Nu zie ik Freek op het toneel staan)

Hoe je zo'n emotievol gedicht kunt verwoorden over de dood van je eigen kind, daar word ik stil van. Prachtig, krachtig en moedig. Ook dit is Freek.

Mooi gedicht Else! Ik vind het zelfs niet alleen een gedicht, het had ook een lied kunnen zijn, zo muzikaal van toon is het (hmm, leest raar, geloof ik). Het klopt er andere soorten verlies in te herkennen, je geloof, je vertrouwen, je bestaansgrond zelfs. Ik las het er ook in. Je kind verliezen, alleen door eraan te denken word ik al koud. Nee, niets lenteachtigs hierin, wel iets dat een
tijdje bij je blijft, en dat is ook wat waard.

Boekgrrl, die altijd geniet van Woensdaggedichtdag, maar niet altijd kans ziet om te reageren

Bij 't kuisen van m'n boekenkasten (project - want tevens opschonen!) knoffelde ik op tegen '...En Vietnam .. ', gedichten van Erich Fried, vertaald door Kouwenaar. Anno 1967. Tja. Wat te doen? Wie interesseert dat nog? Oud papier maar? Eerst even bladeren. Wat trof mijn oog? Het enige gedicht in het duits, want onvertaalbaar blijkens een voetnoot.

Logik

Wenn es
gestattet ist
dass man
die Kinder
bestattet
dann
ist es
auch
erlaubt
dass man
die Bšume
entlaubt

Tja. Een wrang gedicht natuurlijk. En de overeenkomst met 't gedicht van De Jonge dringt zich op. 't Zou me niets verbazen als hij deze tekst als uitgangspunt heeft gebruikt voor zijn eigen 'verhaal'. Mee gegeven zijn toch wat verrassende tweede strofe, die over het gebombardeerde dorp.
Ik zal dat bundeltje toch maar even bewaren, denk ik.


Freek de Jonge
(officiŽle website)
 

Index Woensdag Gedichtdag

Boekgrrls

Laatste keer bijgewerkt: 29/04/06  Eisjen

Terug naar top pagina