Een juweeltje.
Een vrouw overlijdt en terwijl haar jongste zoon aan haar doodsbed waakt,
praat ze gewoon door tegen hem. Bij leven was ze ook nooit te stuiten,
ze ratelde maar door, en dat doet ze tot ze gekist en wel in de kerk
ligt. Ze houdt in de gaten wie haar komt bezoeken, hoe ze er uit ziet,
en vertelt intussen over de belevenissen van haar laatste levensdagen.
We krijgen een mooi beeld van een zorgzame moeder, van een nieuwsgierige
roddeltante (toch wel, niet kwaadaardig misschien)die veel waarde hecht
aan hoe het hoort, maar meer aan 'wat zullen de buren wel niet zeggen'!
En vooral ook begrijpen we de liefde van haar zoon voor zijn moeder, die
haar immers nog even in leven houdt op deze manier.
Iets meer dan 100 pagina's, met veel witregels, maar heel mooi.
Het boek is genomineerd geweest voor de AKO literatuurprijs in 1989. Dat
heeft het niet gekregen, maar wel de F. Bordewijkprijs in 1990, en in
1991 de Dirk Martensprijs.
Verdiend.
Marjo
van T.
November 2006