Nog nooit van deze schrijver gehoord, hoewel hij met het boek De
Bekoring in
2006 de AKO literatuurprijs heeft gewonnen...
In elk geval vind ik het een mooi boek. Op een intrigerende manier
geschreven ook.
Op de flap:
"Als de moeder van Andreas Klein sterft, gaan zijn gedachten
terug naar een zomerdag in 1960. Hij ziet hoe zij man en kinderen
achterliet, vastbesloten om nooit meer terug te keren. Als in een
film beleeft hij, samen met zijn familie, de vlucht van zijn moeder.
Ze zien hoe zij wegsluipt uit haar alledaagse sleur. Ze voelen het
stampende leven dat haar vastgrijpt."
Het verhaal leest vanuit diverse perspectieven: allereerst vanuit dat
van
Andreas, schrijver, die van zijn vrouw te horen krijgt dat zijn moeder,
oma
Marianne, overleden is.
Schrijver Andreas is aan een boek bezig, en twijfelt of hij een van de
personen, de architect, die 'slecht' ligt, beter zal laten worden of
sterven.
Bij zijn terugblik op het leven van zijn moeder, en die vreselijke, voor
een
kind onbegrijpelijke gebeurtenis - op zijn verjaardag nota bene -
tekent hij deze gebeurtenissen op aandringen van zijn vrouw op.
Hij laat de architect er een rol in spelen : deze vertegenwoordigt een
van
de 'gezichtspunten'. Hij is nl. de ontwerper van de buurt waar de moeder
van
Andreas ( en al die andere kinderen) woont, waar ze helemaal gek wordt
van
de dagelijkse sleur van zorgen, poetsen en 's nachts haar man 'verdragen'.
Een ander gezichtspunt is dat van de moeder, die haar verhaal over haar
besluit en alle gevolgen daarvan vertelt.
Dan zien we alles ook nog door de ogen van de kleine Andreas, die zijn
moeder de hele stad (Amsterdam) door zoekt.
De tegenwoordige tijd blijft ook een rode draad: de kinderen, bijeen om
de
uitvaart van hun moeder te bespreken.
E.e.a. wordt in een regelmatige afwisseling gepresenteerd.
Boeiend vind ik het en een goed verhaal.

Elly