Katherine Boo
Een beter bestaan - overleven in de sloppen van Mumbai
Oorspronkelijke titel: Behind the Beautiful Forevers; Life, Death and Hope in a Mumbai Underscity
Vertaling Chiel van Soelen en Pieter van der Veen
320 pagina's | Nieuw Amsterdam | Februari 2012



Tussen november 2007 en maart 2011 bezoekt Katherine Boo regelmatig  Annawadi, een sloppenwijk(je) gelegen op land dat eigendom is van de luchthavenautoriteiten van Mumbai. Rondom Annawadi staan vijf extravagante luxe hotels, die dankzij de snel groeiende economie in India als paddenstoelen uit de grond zijn gerezen. In Annawadi leven drieduizend mensen in slechts 335 hutten, waarvan er maar zes een vaste baan hebben. De rest maakt deel uit van de grote informeel georganiseerde economie.

Katherine Boo begint haar verhaal met een schokkend voorval dat zich op een dag in 2008 voltrekt. De kreupele Fatima steekt zichzelf in brand en beschuldigd op haar sterfbed haar buren er valselijk van dat zij haar tot die daad hebben aangezet. In India is het aanzetten tot zelfmoord een zeer ernstig vergrijp. Als
hoofdschuldige wijst zij  - onder aansporing van de speciale ambtenaar - de oudste zoon de tiener Abdul Hakim Hunsain aan. Abdul verdient zijn geld door het verkopen van afval aan recycling-bedrijfjes en zorgt daarmee voor een groot deel voor het inkomen van het mohammedaanse gezin. Het wrange is dat Abdul er altijd alles aan gedaan heeft om zo min mogelijk op te vallen, omdat hij er van overtuigd is dat alleen op die manier het lot hem zal behoeden voor rampen en catastrofes.

In de hoofdstukken die volgen introduceert de schrijfster naast Abdul en Fatima nog een aantal bewoners van de sloppenwijk die ze gedurende vier jaar volgt. Zo is daar de eerzuchtige Asha, getrouwd met een alcoholist, die slumbaas wil worden. Tot grote afschuw van haar dochter Munja, wiens ambitie het is om de eerste afgestudeerde vrouw van Annawadi te worden, deinst zij daarbij niet terug voor allerlei vormen van corruptie. En er is Sunil, een 12 jarige wees en afvalraper, die hoopt dat hij op een gegeven moment zoveel kan eten dat hij toch nog zal groeien en groter wordt dan zijn jongere zusje. De concurrentie onder de afvalrapers is moordend (soms zelfs letterlijk) en de kleine Sunil heeft ook nog eens de pech dat hij tot een lage kaste behoort. Maar het zijn niet alleen de andere af valrapers die het steeds moeilijker voor hem maken om zijn kostje te verdienen, met de komst van professionele schoonmaak-bedrijven blijft er steeds minder afval op straat liggen.

In de loop van de opvolgende jaren wordt de rechtsgang tegen Abdul en zijn familie voorbereid, zijn er spanningen tussen verschillende religieuze groeperingen en kasten, vinden er terroristische aanslagen in Mumbai plaats en slaat wereldwijd de recessie toe. Het zijn gebeurtenissen die allemaal hun weerslag hebben op het leven van de bewoners in één van de kleinere sloppenwijken in India.

Wat me het meest verbaasde was niet eens de ongelooflijke corruptie die in alle rangen en standen van de bevolking voorkomt, maar meer de harde mentaliteit en in veel gevallen ook onverschilligheid van de bewoners van Annawadi. Natuurlijk snap ik dat het wel een kwestie van overleven zal zijn, maar het trof me toch onaangenaam dat ook daar mensen terzijde geschoven worden vanwege handicap, kaste of geloof. En niet alleen terzijde geschoven, ook getreiterd, benadeeld en gekleineerd. Solidariteit is misschien wel een luxe.
Natuurlijk heb ik ook flink mijn wenkbrauwen opgetrokken bij de staaltjes corruptiepraktijken die werden beschreven: kleding die door grote bedrijven geschonken werden aan een weeshuis en door de nonnen doorverkocht werden, alleen maar op papier bestaande scholen die grote sommen subsidiegeld binnen halen, bezoekers van goede doelen instellingen een rad voor ogen draaien zodat ze met meer geld over de brug komen enz. Het lijkt of geen enkel systeem gevrijwaard is van omkooppraktijken en zodoende is er ook geen sprake van een eerlijke rechtsgang. Het is eerder een kwestie van aan de juiste mensen de juiste hoeveelheid geld  geven dan dat een degelijk onderzoek bepaald of iemand schuldig of onschuldig is. Het Indiase strafrecht- systeem is net zo'n markt als de markt voor afval zo zegt Abdul op een gegeven moment ergens in het verhaal. Maar zo merkt Katherine Boo op waar voor ons westerlingen corruptie iets verwerpelijks is, is het voor de armen in India vaak één van de weinig mogelijkheden om hoger op te klimmen of zelf geld binnen te halen. Het zijn de jonge mensen die het meeste ethische besef hebben. Ze zijn veel minder in staat om vanuit puur egoïsme te handelen dan volwassenen, maar toch zullen ze waarschijnlijk later ook net zo als hun ouders doorlopen als een gewonde afvalraper langs de kant  van de weg om hulp smeekt.

De meest betrouwbare getuigen van de gebeurtenissen die in Een beter bestaan beschreven worden bleken de kinderen te zijn. Deels omdat die zich weinig bezig houden met de economische en religieuze opvattingen van hun ouders en deels ook omdat zij zich niet druk maken over hoe hun verhaal over zou kunnen komen. Zelfs Fatima's dochtertjes, die bij de burenruzie aanwezig waren bleven volhouden dat Abdul onschuldig was aan de zelfverbranding van hun moeder.
Wat ik wel prettig vond was dat ze het harde leven in Annawadi aan de hand van een een paar personen en een centrale
gebeurtenis beschreef. Door te beginnen met een Abdul die zich voor de politie verbergt zit je ook meteen midden in het verhaal. Het is een realistisch, nuchter, maar toch aangrijpend verslag geworden over overleven en niet opgeven en in sommige gevallen de keuze om dat wel te doen.



 

Janneke







een beter bestaan



Katherine boo

Katherine Boo



Booktrailer



Artikel over Katherine Boo
en haar boek in
The New York Times




Boekgrrls

Laatste keer bijgewerkt: 13/01/12  janneke