Joke van Leeuwen ken ik van haar kinderboeken. ‘Feest van het begin’ is de eerste
roman voor volwassenen die ik van haar heb gelezen.
Het gaat vooral over het meisje Catho. Als baby is ze te vondeling
gelegd en zo in een weeshuis beland. Dat weeshuis wordt door nonnen
geleid. Ook voor nonnen zijn die stijf. Het meisje past er niet. Dat
geldt ook voor zuster Berthe. Deze vrijgevochten non uit een rijke
familie houdt niet van het kloosterleven. Ze trekt er stiekem ’s nachts
op uit. Dan doet ze dingen die de andere nonnen niet leuk vinden. En
dat is een understatement! Ze raken bevriend en Berthe leert haar als
een oudere zus lezen en schrijven. Uiteindelijk besluiten ze allebei
het klooster te verlaten. Ze gaan elk hun eigen weg. Vooral Catho
krijgt een zwaar leven. Parijs is geen fijne plek als je geen geld
hebt. Ze wordt aangerand en verkracht. Het verhaal gaat ook over Tomas
uit Duitsland. Hij vindt zijn draai niet in Frankrijk. Net als Catho
ontmoet ook hij een mentor. Charles heet hij, de beul van Parijs. Hun
vriendschap ontwikkelt zich. Ze raken steeds meer op elkaar
aangewezen! Samen ontwikkelen ze de guillotine.
De aanpak van Joke van Leeuwen is bijzonder. Het is duidelijk wanneer
het zich afspeelt maar dit wordt nergens genoemd. Alles wordt subtiel
gehouden en daardoor ook klein. De grote gebeurtenissen van de
revolutie worden kort en wat zakelijk genoemd maar het gaat hier vooral
om wat gewone mensen zoals Catho en Tomas in die tijd meemaken. De
revolutie vormt het decor van de persoonlijke crises. Daardoor worden
de personages meer van vlees en bloed.
Dat heeft ook nadelen. Van een historische roman vind ik het fijn als
het wat meer is ingekaderd. Nu was het wat vluchtig. Ik vind het knap
dat de schrijfster een hervertelling van een overbekende geschiedenis
heeft vermeden en zich op het kleine richt. Maar daardoor kreeg ik soms
het gevoel dat ze te krampachtig een tijdloos boek heeft willen
schrijven waarin plaats en tijd geen rol spelen. Ik vraag me af waarom
het dan toch zo duidelijk moest zijn dat het om de Franse revolutie
gaat. Ze had het net zo goed nog vager kunnen houden. Dan was het meer
een literaire fabel geworden. Ik vond het boek ook wat te kort. Ik zou
de zaken wat meer uitgediept willen zien. Het neemt niet weg dat het
een fijne roman is en de stijl van schrijven is goed.

Emma
|


Joke van Leeuwen
Leesfragment
|