Hana lijdt aan het syndroom van Werner, een ziekte die iemand twee
keer zo snel doet verouderen als normaal. Op haar achtendertigste ziet ze
eruit alsof ze tachtig is. Cate, haar moeder, zorgt voor haar. Dat is een
behoorlijk pittige opgave: zij treurt om de dood van haar man Max en moet
tegelijkertijd het verdriet over haar zieke dochter verwerken. In het
verhaal volgen we afwisselend in aparte hoofdstukken de gedachtengang van
Cate en Hana. Cate is elke ochtend bang dat haar dochter er niet meer is,
bang dat ze weer verder achteruit gegaan is, weer minder kan. Hana is een
broos oud vrouwtje, alleen haar ogen verraden haar werkelijke leeftijd.
Samen hebben ze een manier gevonden om met de ziekte van Hana om te gaan
en er komt veel relativerende humor aan te pas. De beide vrouwen zijn
totaal op elkaar ingespeeld, kennen elkaar door en door. Ook al verzwijgen
ze veel voor elkaar, beiden weten wat er in de ander omgaat. De dagen van
Hana en Cate verlopen rustig en geordend. Zij leven hoofdzakelijk in het
verleden, terwijl ze ieder op hun eigen manier hun herinneringen aan de
vooroordelen van hun omgeving verwerken: Max ouders waren als Japanse
immigranten geďnterneerd tijdens de Tweede Wereldoorlog, en Cate is van
Italiaanse afkomst. Max heeft in het interneringskamp zo'n enorme droogte
meegemaakt dat hij vanaf die tijd water in de buurt wil hebben. Doet af en
toe kranen open en dicht vanwege de geruststelling dat er water is.
Hana moet accepteren dat mensen haar aanstaren, haar niet meer
herkennen en moet leren leren om te gaan met een steeds ouder wordend
lichaam. Ze heeft alleen foto's van zichzelf dat ze nog jong en
aantrekkelijk was. Ze denkt vaak terug aan haar studententijd en aan de
enige man waar ze een relatie mee heeft gehad. Laura is de enige vriendin
van Hana maar Hana wil haar niet zien, bang als ze voor de ontzetting in
haar ogen. Hana woont nog steeds in haar Amerikaanse geboortedorpje, Laura
is vetrokken naar New-York. Steeds opnieuw vraagt Laura of ze mag komen en
steeds opnieuw weigert Hana.
Cate en Hana dreigen verstikt te raken in zorgen om elkaar. Ze
proberen elkaar zoveel mogelijk te ontzien maar soms slaat bij beiden een
enorme onrust toe, Cate gaat dan werken in de tuin, Hana draait dan
Gregoriaanse muziek en zo verglijdt de tijd Maar dan staat Laura ineens
voor de deur met haar twee dochters. Zij vindt dat haar dochters Hana
moeten leren kennen.. .
Het lijkt een triest verhaal, een jonge vrouw die versneld veroudert, en
in feite is het gegeven ook triest, maar beide vrouwen hebben humor en dat
maakt alles minder heftig. Het verhaal beslaat maar twee dagen maar toch
leer je hun hele leven en gevoelens kennen. Net als in 'De tuin van de
samoeai' ademt het boek een enorme rust en harmonie uit. Gail Tsukiyama
kan alles prachtig beeldend vertellen, haar inlevingsvermogen moet enorm
zijn. Je hebt het gevoel deze twee vrouwen door en door te kennen en de
moeilijke realtiteit van hun leven mee te maken, die dankzij hun liefde
voor elkaar te dragen is. Het is nergens overdreven dramatisch of té
triest. Prachtig boek, waar je stil van wordt!
Atlas, Amsterdam/Antwerpen,
2003 Paperback,
285 blz.
ISBN 90 450 1174 3